Fatima al Zahra (a): het leren en het toepassen van kennis

In de naam van Allah, de Barmhartige de Genadevolle

Op een dag kwam de profeet Mohammed (s) naar het huis van zijn geliefde dochter Fatima (a). Fatima (a) stelde haar vader (s) een aantal vragen over godsdienstige rechten. Eén van de vragen ging over de plichten van de vrouw ten opzichte van haar echtgenoot. Eén van de vele dingen die de profeet (s) haar vertelde was: “O Fatima! Een vrouw die dingen eist, die buiten de middelen van haar echtgenoot zijn, wordt verwijderd van goddelijke genade.”

Na het huwelijk van Fatima Al Zahra (a) met Imam Ali (a), heeft ze nooit om iets gevraagd dat haar echtgenoot Imam Ali (a) zich niet kon veroorloven, omdat zij wist dat hij in verlegenheid zou worden gebracht als zij dat zou zeggen. Op een dag stond Imam Ali (a) erop dat zijn vrouw Fatima Al Zahra (a) hem om iets vroeg. Na veel aandringen ging Fatima Al Zahra (a) ermee akkoord en vroeg ze om een granaatappel. Dus is Imam Ali (a) naar de markt gegaan om een granaatappel te kopen.

Op de terugweg naar huis vielen zijn ogen op een arme man, die ziek was. Imam Ali (a) vroeg de arme man wat hij wilde. De arme man vertelde dat hij heel graag die granaatappel wilde eten. Zonder enige aarzeling gaf Imam Ali (a) de arme man de granaatappel, die hij voor zijn vrouw had gekocht. Nu liep Imam Ali (a) in de richting van zijn huis. Imam Ali (a) voelde zich schuldig en bedacht dat dit de eerste keer was dat zijn vrouw Fatima Al Zahra (a) om een granaatappel vroeg en hij er niet in geslaagd was deze voor haar mee te nemen. Hoewel Imam Ali (a) ervan overtuigd was dat Fatima (a) de dochter van de profeet Mohammed (s) juist blij zou zijn als zij te horen zou krijgen dat de granaatappel voor het goede doel was weggegeven, voelde Imam Ali (a) zich toch schuldig.

Ondertussen kwam engel Jibraiel (Gabriel) naar de profeet Mohammed (s) en bracht hem een blad met granaatappels uit de hemel en hij vertelde de profeet (s) wat er zojuist was gebeurd. De profeet Mohammed (s) gaf het blad aan Salman Al-Farsi (r.a) en vroeg hem om het bij Fatima Al Zahra (a) af te leveren voordat Imam Ali (a) thuis kwam. Fatima (a) vroeg: “O Salman! Waar komt dit blad vandaan?”Salman Al Farsi (r.a) zei: “O dochter van de Heilige profeet Mohammed, U wilde heel graag een granaatappel van uw echtgenoot Imam Ali (a). Deze heeft hij gekocht en aan een arme bedelaar gegeven. Voor zijn oprechte handelen heeft Allah (swt) dit blad uit de hemel verstuurd, zodat aan uw wens is voldaan en Imam Ali (a) ook wordt behouden van alle schaamte.” Imam Ali (a) arriveerde thuis met zijn hoofd naar beneden van schuldgevoel. Zodra hij binnenkwam vroeg hij: “O Fatima! Wat is deze geur van de granaatappel die ik ruik?” Fatima Al Zahra (a) antwoordde: “O Ali! Deze granaatappels zijn wat jij mij hebt gezonden. Jij gaf ze aan een bedelaar en in ruil hiervoor heeft Allah (swt) ze uit het Paradijs gezonden.”

Het bovengenoemde incident laat zien hoe Fatima (a), de dochter van de profeet Mohammed (s), van haar vader leerde en haar kennis in haar leven toepaste.

Vergeet niet: Men kan zeggen dat dit niet relevant is voor vandaag! Omdat mannen en vrouwen alle¬bei werken en verdienen. De werkende vrouw zal geen behoefte hebben om iets aan haar echtgenoot te vragen. In feite kan de werkende vrouw haar man in sommige gevallen juist financieel steunen. Wat dan? Misschien was de profeet Mohammed (s) zich ook bewust van de voorgestelde situatie. Eén van de adviezen die hij (s) aan zijn dochter (a) gaf was: “Een vrouw die tegen haar echtgenoot zegt dat hij van haar rijkdom eet en kleedt, zal niet eens een glimp van het Paradijs te zien krijgen.”

Bron: http://www.imamreza.net

© Copyright Ahlalbait Jongeren

Plaats reactie

Zie onze disclaimer voor de regels:

http://ahlalbait.nl/index.php/disclaimer


Beveiligingscode
Vernieuwen