Het belang van water in de islam

 In de naam van Allah, de Barmhartige de Genadevolle

“Wij hebben uit water al het levende gemaakt.” [Edele Koran, 21:30]

Het woord water komt herhaaldelijk voor in de Koran, om precies te zijn wel meer dan zestig maal. Ook de woorden rivieren en zeeën komen vaak in de Koran terug. 

Waar de mens nog wel eens de indruk zou kunnen hebben dat hij zaken onder controle heeft, is het God die vanuit een hogere bron water naar omlaag stuurt:

“Hoe zien jullie het water dan dat jullie drinken? Hebben jullie het uit de wolken neer laten komen of hebben Wij het neer laten dalen? Als Wij wilden hadden Wij het pekelig gemaakt; waarom betuigen jullie dan geen dank?” [Edele Koran, 25:48-49]

We staan er amper bij stil, maar ook aan water zijn er grenzen. Wist je dat:

• Er dagelijks 20.000 tot 30.000 mensen sterven bij gebrek aan zuiver water?

• De kindersterfte in de minst ontwikkelde landen voor 30% tot 50% veroorzaakt wordt door een gebrek aan zuiver water?

• Er wereldwijd 80% van de ziektegevallen te wijten zijn aan het gebrek aan zuiver water?

• Er in bepaalde landen de scholen in de voormiddag sluiten omdat de kinderen water moeten halen voor het gezin?

• Vrouwen in sommige landen geen eigen activiteiten kunnen verrichten omdat ze dagelijks uren water moeten halen?

Dit is echter niet alles. Imam Hussain (a) vraagt zijn volgers het volgende: “O mijn Shia! Gedenk mij elke keer wanneer je water drinkt.”

Waarom vraagt Imam Hussain (a) dit eigenlijk van ons? Om iemand oprecht te gedenken en dankbaar te zijn voor iets, is het belangrijk om te weten waarom we dit moeten doen. 

Ik zal jullie daarom in dit artikel meenemen naar het verhaal van de zoon van Imam Hussain - Ali al-Asghar – in de hoop dat het ons bewustzijn verhoogt op elk moment dat we water zien of drinken. Ook zal ik ingaan op het reinigend effect van water met betrekking tot de wuhdu, het vijfmaal daags wassen en opfrissen van het lichaam om het gebed te kunnen verrichten.  

Imam Hussain (a) en zijn vrouw Rubaab hadden twee kinderen – Sakina en Ali Asghar – die beiden met Imam Hussain (a) naar Karbala zijn vertrokken. Ali al-Asghar was de jongste zoon van Imam Hussain (a) en was in de slag van Karbala nog maar zes maanden oud. Hij staat ook wel bekend als de jongste martelaar van de slag bij Karbala. 

Naast het feit dat dit bewijst dat Imam Hussain (a) nooit de intentie heeft gehad om deel te nemen aan welke gewapende opstand dan ook, is dit verhaal bijzonder omdat het laat zien hoeveel die ene druppel water die wij maar al te vaak voor lief nemen het verschil kan zijn tussen leven en dood. 

Tijdens de 8ste dag van Muharram werd de watertoevoer – de Eufraat en de overvloedige stromen – afgesneden. Omdat zijn zoon op het punt stond te sterven van de dorst, besloot Imam Hussain (a) hem mee te nemen naar het leger van de vijand om water te vragen. Hierop kleedde de vrouw van Imam Hussain (a) haar zoontje aan met andere kleren, omdat zij net zoals elke andere moeder wilde dat haar zoon er op zijn best uitzag tegenover vreemden. 

Imam Hussain (a) bedekte zijn zoon met een doek ter bescherming van de zon en nam hem mee naar het slagveld. Aangekomen bij het leger van de vijand vroeg hij om water voor de baby en zei hij: “Indien ik volgens jullie schuldig ben aan een zonde of misdaad, wat heeft deze onschuldige baby dan gedaan om jullie te kwetsen of pijn te doen? Hij kan niet eens spreken. Hij heeft zich nooit uitgesproken tegen jullie. Hij heeft in de afgelopen drie dagen noch melk noch water gehad en staat op het punt te sterven van de dorst.” Een aantal soldaten van de vijand toonden sympathie voor de situatie waarin Imam Hussain (a) zich bevond. Umar Ibn Sa’d zag dit en vertelde de soldaten zich niet te laten bedriegen door de woorden van Imam Hussain (a), omdat de Imam (a) volgens hem niets anders probeerde dan water voor zichzelf te krijgen. Hij vertelde het leger dat al krijgt Imam Hussain (a) zelfs één druppel water hem dit leven zal inblazen ten gevolge waarvan een aantal van hen hun leven zullen verliezen. 

Imam Hussain (a) verdedigde zichzelf en stelde voor dat hij bereid was het kind op de grond te plaatsen, zodat het leger het kind zelf water kon geven zonder de angst te hebben dat hij het zelf zou opdrinken. Het leger toonde echter nog steeds geen genade en één van hen zei: “Vergeet niet dat Emir Ibn Ziyad ons heeft verzocht dat er geen druppel water bij Hussain of zijn familie terechtkomt. Elke ongehoorzaamheid van zijn besluit zal onmiddellijke straf uitnodigen.” 

Niemand kon zich voorstellen wat er een paar ogenblikken later zou gebeuren. Hurmula, een van de vijanden en een beroemde boogschutter, hief zijn boog. De pijl vloog in de hete woestijn en kwam terecht in de nek van Ali Asghar. Imam Hussain (a) zag als laatst de glimlach van zijn zoon. Daarna kon hij niets meer zien. Hij begon zich zwak te voelen en alles voor hem werd zwart. Langzaam draaide Hussain (a) zich om en keek hij naar de baby in zijn armen. In zijn handpalm verzamelde zich het druipende bloed vanuit de keel van het kind. Imam Hussain (a) keek op en vroeg Allah (swt) om moed in deze test en meest moeilijke tijd van zijn leven. 

Imam Hussain (a) liep, moedig als hij was, terug naar zijn kamp waar zijn vrouw Rubaab bij de ingang van haar tent stond. Imam Hussain (a) zag de angst, hoop en onrust in haar ogen. Hij nam een paar stappen terug en herhaalde zeven keer: “Inna lillahi wa inna ilayhi raji’oon”. Rubaab huilde, keek beangstigend naar het gezicht van haar man en vroeg: “Wat hebben ze gedaan met mijn zoon? Hebben ze hem geen water gegeven voordat ze hem hebben vermoord?” 

Dit verhaal is een van de bewijzen dat Imam Hussain (a) ervoor koos om koste wat het koste het pad van gevaar te bewandelen met plicht en eer. Hij was vastberaden zich niet over te geven en als laatste man te sterven in de zaak waarvoor hij was gekomen. 

Ook is dit een teken voor ons om tevreden zijn met wat we hebben, te stoppen met klagen en ons te beseffen dat er mensen zijn die Allah (swt) vele malen meer dan dankbaar zouden zijn met de dingen die wij voor lief nemen. In dit verhaal van Imam Hussain (a) gaat het om water, maar er zijn nog veel meer voorbeelden te noemen van gunsten die we vaak over het hoofd zien. 

Na dit verhaal te hebben gelezen en de feiten waar ik dit artikel mee begon, is het vanzelfsprekend dat we nooit water mogen verspillen. Zeker niet bij het verrichten van wudhu. SubhanAllah, hoe schoon is onze religie, wanneer het ons vraagt om ons vijf keer per dag te reinigen? 

Wudhu verrichten is echter meer dan jezelf fysiek opfrissen. Wudhu verrichten is een moment waarop we kunnen reflecteren. Imam Khomeini (ra) leert ons dat het tijdens het verrichten van wudhu belangrijk is om stil te staan bij de zuiverheid van water en ons af te vragen of wij nét zo zuiver in onze relatie met Allah (swt) zijn. Alles in deze wereld is begonnen met water, dus waarom zou het verrichten van wudhu geen start kunnen zijn van een nieuw begin tussen jou en Allah (swt)? Ook de Profeet (s) heeft een overlevering over water: “De gelovige is als water, hij zuivert iedereen om hem heen”. Een gelovig persoon is dus als water en zuivert iedereen in zijn omgeving: zijn vrienden, kennissen, buren, etc. etc. De profeet (s) spreekt hier over ‘iedereen’ en dus in het algemeen; hij heeft het niet alleen over de mensen die goed zijn met ons! 

Weet dat wanneer je wuhdu doet, je de barmhartigheid van Allah (swt) binnentreedt. Imam Khomeini (ra) leert ons dat het belangrijk is om ons af te vragen wat het nut van het reinigen van ons lichaam tijdens wudhu eigenlijk is, als we op hetzelfde moment een hart vol haat, jaloezie, arrogantie of ondankbaarheid bezitten. Door de zuiverheid van water te observeren, worden we in staat gesteld om onze zuiverheid ten opzichte van God te bekritiseren. 

Net is verteld waarom we aan Imam Hussain (a) dienen te denken tijdens het drinken van water. Maar wanneer je wuhdu verricht, denk dan ook aan Ameer al-Mu’imineen, Imam Ali (a). Wanneer hij in aanraking kwam met water zou hij zich beseffen hoe zuiver het water is en zou hij net zo zuiver zijn in zijn relatie met Allah (swt). Wanneer hij zijn gezicht met het water zou wassen zou hij zeggen: “O Allah, laat licht op dit gezicht stralen op de Dag Des Oordeels.” Wanneer hij zijn rechterarm zou wassen zou hij zeggen: “O Allah, laat mij een van de mensen van de rechterhanden zijn op De Dag Des Oordeels.” Wanneer hij zijn linkerarm zou wassen zou hij zeggen: “O Allah, laat mij niet een van de linkshandigen zijn op de Dag Des Oordeels.” Wanneer hij zijn gezicht zou vegen zou hij zeggen: “O Allah, laat dit gezicht voor u neerbuigen op de Dag Des Oordeels.” En wanneer hij zijn voeten zou vegen zou hij zeggen: “O Allah, op de Dag dat alle voeten zullen uitglijden, laat mijn voet niet uitglijden.” 

Kijk goed om je heen en neem niets voor lief. Wat als je morgen zou wakker worden met alleen datgene waar je Allah (swt) vandaag voor hebt bedankt? Denk aan wat onze Imams (a) hebben opgeofferd voor ons. Zouden we hen en Allah (swt) trots maken door de gunsten van Allah (swt) voor lief te nemen? 

 © Copyright Ahlalbait Jongeren

Afdrukken

Reacties   

#1 Mohammed Ali 09-11-2016 18:25
MashAllah Allah zal jullie naar Jennah students inshAllah

Je moet je registeren om een opmerking te komen plaatsen. Dit kan simpel via de login knop rechtsboven in het menu.